Zonder moeite levens redden #1: bloeddonor

Wat heerlijk dat de wetenschap zo ver is dat we mensenlevens kunnen redden en/of verbeteren zonder dat we er nu zelf echt last van hebben. We geven ze bloed, stamcellen en wie weet ooit organen. Kost ons niks en we maken er zoveel gezinnen gelukkig mee.

Daarom schrijf ik een paar artikeltjes over verschillende manieren om levens te verbeteren en zelfs te redden van mensen die je (meestal) niet kent. Deze keer: Bloeddonor

Goede redenen om bloeddonor te worden

Los van het feit dat je er mensen mee kunt redden & je dus gewoon heel erg goed bezig bent(!), zijn er nog een aantal voordelen van het bloeddonorschap:

  • Bij lieve werkgevers kun je het gewoon onder werktijd doen
  • Je bloed wordt altijd gecheckt, dus je merkt het sneller als er iets aan de hand is
  • Je wordt als een vorst behandeld
  • Je kunt – wat zeg ik: moet – lekkere koeken eten en ontspannen na het bloedgeven
  • Het zou zelfs kunnen dat je als bloeddonor langer leeft

Mijn struggle als bloeddonor

Mijn ouders zijn allebei bloeddonor en dus vond ik het niet meer dan logisch dat ik ook donor zou worden. Helemaal toen bleek dat ik bloedgroep 0 had, want die is erg populair omdat iedereen die kan ‘ontvangen’. De eerste keer dat ik bloed gaf ging ik gezellig met mijn moeder. Die kreeg dus de schrik van haar leven toen ik ineens wel heel duizelig werd (en zij een paar bedden verderop aan het infuus zat).

No hard feelings, ik had er net een werkdag opzitten en ook niet goed gegeten, dus volgende keer zou ik ’s morgens gaan. Omdat er in mijn gegevens stond dat het de vorige keer niet helemaal goed ging, werd ik als een koninginnetje behandeld en ging het helemaal goed.

Die keren daarna ging het elke keer mis. Eén keer dacht ik dat het lag aan het feit dat ik naar de naald had gekeken (ik ben niet zo heel erg fan van naalden), dus de volgende keer ging er een doekje over. Toen stond het bed niet genoeg naar achteren (dacht ik) en ging het weer mis.

En toen raakte ik zwanger en kon ik dus geen bloed meer geven en ben ik er nooit meer achteraan gegaan.

Het goede voorbeeld?

Maar toch zit ik nu weer te twijfelen, omdat ik het een soort morale plicht vind en daarmee ook een goed voorbeeld wil geven aan mijn dochter. Eigenlijk wil ik zelfs dat ze meegaat, omdat ze het dan ‘normaal’ kan gaan vinden. Zo normaal als ik het vind. Maar ja, ik wil haar ook niet opzadelen met een wit wegtrekkende moeder en ik weet niet zeker of ik wel echt zo stoer ben dat dat niet meer gebeurd.

Ik ga er nog even over nadenken.

Ben jij ook bloeddonor? En waarom wel of waarom niet?

Geef een reactie